Jayden viel vijf jaar geleden op zijn hoofd

Tijdens het skaten

  1. Alle verhalen
  2. De oplossingen van Jayden

Na twee jaar liep ik helemaal vast op school en wist ik niet waar het door kwam.

Kinderbrein 

In 2020 heb ik een ongeluk gehad, ik was gevallen op de skatebaan. Zonder helm, stom, maar nooit aan gedacht. Ik had toen een tand uit mijn gebit en eentje door mijn lip, verder een kleine bloedneus. Bij de kaakchirurg is toen gekeken of mijn tand terug gezet moest worden. Ik ben nog in een tweede ziekenhuis geweest en daar zeiden ze dat er niets aan de hand was, dat ik naar huis kon en vooral rust moest nemen. Maar ik bleef duizelig en kon nergens tegen.

De volgende dag werd ik toen wakker met Raccoon Eyes Raccoon EyesRaccoon eyes (ook wel panda ogen genoemd) zijn bloedingen, die er uitzien als blauwe plekken rond de ogen. Het kan het enige teken zijn van een breuk in de schedel, soms is deze breuk zelf niet te zien. Bron: www.huidziekten.nl. Toen zei de dokter dat ik meteen naar het ziekenhuis moest en niet weg mocht totdat ik door een scan was geweest. Na de scan zeiden ze gewoon: je hebt een breuk in je schedel.  

Hierna twijfelde ik wel een periode of ik überhaupt nog leefde. Na een tijdje moest ik naar de neuroloog. Die zei dat het met een kinderbrein wel goed zou komen als ik veel rust nam. Maar, twee of drie jaar later, liep ik helemaal vast op school en wist ik niet waardoor het kwam. Ik was zo vermoeid, school en mijn sociale leven lukte mij niet meer.  

Hoe moeilijker het werd, hoe harder ik mijn best deed, hoe erger het werd

In die twee jaar tussen het ongeluk en de diagnose moest ik van drie naar vier HAVO overstappen in een ander gebouw en die overgang was heel groot. Ook was het coronatijd. Ik haalde in de eerste toetsweek alleen maar onvoldoendes, ook al deed ik zo hard mijn best. De tweede toetsweek ging ik nog harder door en belande bijna in een burn-out, omdat ik zo graag voldoendes wilde halen. 

Dat was voor mij moeilijk, want ik had wel door dat er is iets niet klopte, alsof er iets mis met me was. De lessen gingen te snel, ik kon het allemaal niet plaatsen en het kwam niet meerbinnen. 

Ik schrok, want normaal denk ik dat mensen dood zijn als ze hun schedel breken, maar ik zat er nog.

Eindelijk gebeurde er wat 

Mijn ouders wilden wel dat ik rustiger aan deed, maar vooral met sport en werk, dus niet met school. Terwijl ik aan alles merkte dat het door school kwam. In mijn klas was mijn mentor de eerste die opmerkte dat er echt iets niet goed was. Die zei: je bent oververmoeid, dit ga je niet doen en hij heeft me toen naar huis gestuurd. Dat vonden mijn ouders wel gek, maar toen kon ik wel voor een second opinion naar een ander ziekenhuis. Daar kwamen we dus bij de revalidatiearts, die gelukkig meteen zei dat ik minder naar school moest gaan.  

Wat daardoor voornamelijk veranderde, was hoe mijn ouders ernaar keken. Dat was de eerste keer dat ze ook echt zeiden dat ze me begrepen. En dat was echt fijn, want ze hielden nu ook rekening met me. In de periode erna kwam er veel meer begrip voor mijn situatie.

Ik denk dat het heel erg fijn zou zijn als ouders iets meer weten van wat er in het hoofd van hun kind omgaat. Je ziet tegenwoordig vaak dat er veel dingen spelen bij jongeren en waar ouders geen benul van hebben. Ik denk dat als ouders wat meer inzicht krijgen, ook van hoe deze generatie nu is, wat er allemaal van hen verwacht wordt, maatschappelijke problematiek enzo… Dat ze dan misschien wat meer kunnen begrijpen wat er omgaat in die jongeren. Ik voelde me aan het begin niet zo begrepen en daardoor ook wel eenzaam.

Het begin van weer mee kunnen doen

Eigenlijk heeft mijn leraar me dus een beetje gered, want daarna heeft de revalidatiearts bevestigd dat school echt te veel voor mij was.  Op school kreeg ik een aangepast rooster, ik mocht die zelf maken en kiezen welke vakken ik wilde volgen. Ik kreeg extra toetstijd en mocht ook thuis werken. Die verantwoordelijkheid heb ik wel, dus het ging veel beter met mijn examens.  

In het ziekenhuis heb ik echt geleerd hoe mijn brein is en hoe dit werkt ten opzichte van daarvoor. Dat was heel fijn, want het lukte eerst niet, maar ik wist nu waardoor het kwam. Dat konden ze precies aan mij uitleggen. Hierdoor kon ik dingen in mijn dagelijks leven aanpassen waardoor ze met een omweggetje zouden lukken. 

Dat er ook nog een stip op de horizon is, ondanks in de situatie waar we zitten. 

De laatste jaren heb ik heel veel hulp gehad van mijn revalidatie artsen, mijn ouders en mijn mentor van toen. Daar heb ik nog heel veel contact mee en die kijkt ook mee naar mijn werk dus daar heb ik een vriendschappelijke connectie mee. Sinds een half jaar heb ik mijn eigen bedrijf en maak ik educatieve middelen op het gebied van maatschappelijke problematiek speciaal voor jongeren. Daar was ik eigenlijk voor mijn HAVO examens al mee begonnen maar ik had met mijn ouders afgesproken dat ik dat pas echt ging doen nadat alle examens waren geweest zodat ik me even daarop kon focussen.

Die eerste twee jaar voelde ik me zó onbegrepen 

Ik voelde me vooral niet begrepen en machteloos in de tijd dat ik niet wist wat er aan de hand was. Mijn ouders begrepen me ook niet en soms ging ik dan naar mijn oma en opa, daar kon ik er wel over praten.
Later vond ik het lastig dat het pas na twee jaar duidelijk was wat ik had, en dat het zo verkeerd was gegaan in het ziekenhuis. Het deed wat met me, dat er zo nonchalant mee om was gegaan en dat andere kinderen dat misschien ook wel hebben.  

Als ik aan de toekomst denk, denk ik er ook aan dat als er geen second opinion was geweest, ik dan misschien helemaal was vastgelopen en dat ik misschien wel van een uitkering had moeten leven. Dat vind ik wel kwalijk. Ik vind ik het nog steeds erg hoe ik in dat eerste ziekenhuis ben behandeld, want het voelt alsof ze er niet verantwoordelijk mee zijn omgegaan. Het had heel anders kunnen aflopen. 

Maar, als ik naar het laatste ziekenhuis kijk: daar ben ik wel heel goed geholpen en werd er echt aandacht aan mij besteed. Ze wilden wat het beste was voor mij, daarom heb hier een goed gevoel bij en daar kunnen andere ziekenhuizen echt wat van leren.  

Vrienden en studie zijn heel belangrijk voor me 

Ik heb een grote vriendengroep op school maar vier vrienden waar ik heel hecht mee ben. Daar deel ik echt alles mee. Het is niet dat je ze elke dag spreekt, maar het zijn vrienden.
Aan het begin moest ik me weleens aanpassen, als we dingen gingen doen, vooral qua prikkels, maar nu kan ik wel weer meekomen. Ik ga alleen niet tot drie uur ‘s nachts hangen, want mijn slaap is me heilig.

Ik heb nu een soort modus gevonden hoe ik het best omga met NAH. Het is een stijgende lijn en ik hoop dat ik er steeds minder last van krijg over de jaren heen. Ik doe het rustig aan en bouw de prikkels op. 

“Alle dingen die nu van ons worden verwacht, mogen niet ten koste gaan van onze gezondheid.”

Ik voel me nog wel anders dan de rest, want ik moet nog steeds dingen aanpassen, maar het voelt wel normaal. Het voelt normaal omdat het nu in mijn systeem zit en ik eraan ben gewend. Het aparte voelt nu normaal voor mij

Ik voel me anders, maar het went wel 

Ik ben heel erg trots op mezelf. Toen ik de diagnose kreeg werd er vanuit school besloten dat ik in 4 HAVO zou blijven zitten en het jaar opnieuw zou doen maar ook al wat vakken van 5 HAVO kon volgen. Zo kon ik alles wat meer verspreid doen. Daardoor ging alles mij zo goed af met allemaal tools vanuit het ziekenhuis en leerde ik echt hoe ik moest omgaan met NAH. Ik heb eigenlijk sinds die tijd geen onvoldoendes meer gehaald, alles ging goed en ik haalde achten en negens. Ik was een van de besten uit de klas!  

Ik ben begonnen aan mijn eerste jaar HBO social work. Hier heb ik ook dingen voor aangepast, ik heb een aangepast rooster en een eigen ruimte om mijn tentamens te doen en extra tijd. Alleenmijn SB’er, dus mijn student begeleider, weet daar van mijn NAH af. En ik heb bewust gekozen om mijn andere docenten niet in te lichten, omdat het een nieuwe start is en ik ook de Jayden ben, de vrolijke Jayden, in plaats van Jayden met NAH, dus daarvoor… 

Voor mijn studie, reis ik anderhalf uur met het OV, best ver, maar met een muziekje of wat lezen, is het ook een soort ontspanning. Ik hoef nog niet per se op kamers, maar dat komt niet door NAH. 

Je moet het zelf doen, maar anderen helpen wel 

Ik ken niet zoveel mensen met NAH, ik heb daar ook nog niet echt naar gezocht, maar het lijkt me wel heel gaaf om die gesprekken te hebben en onze verhalen te delen. Ik denk ook dat het goed is voor je eigen proces om te weten dat anderen ook in hetzelfde schuitje zitten. Ook een stukje hoop dat het allemaal nog goed kan komen. 

Tegen andere kinderen die in mijn situatie zitten zou ik zeggen: Laat jezelf niet afhankelijk worden van je situatie maar werk er ook zelf aan. Het is een vervelende situatie maar probeer hierin je eigen regie te nemen, het is je eigen verantwoordelijkheid wie je wil worden in de toekomst. Denk aan hoe je wel kan functioneren. Dat heeft mij enorm gedreven: “hoe kan ik weer normaal zijn en de dingen doen die ik daarvoor deed”. Dat wil ik graag meegeven aan anderen die ook in deze rotsituatie zitten: probeer te kijken naar wat jij zelf kan doen. Je krijgt hulp maar niemand komt je redden. Dat moet je zelf doen. 

Met goed plannen ben je al een heel eind op weg 

Als mensen aan mij vragen: zou je het ongeluk niet terug willen draaien? Dan zeg ik nee want het heeft mij de persoon gemaakt die ik nu ben. Ik denk dat alles gebeurt voor een reden en dit ook. Eerst wilde ik piloot worden maar dat kon niet, door de vrijheid die ik nu heb gekregen op school dacht ik: misschien een eigen bedrijf. En die vrijheid is ook een van de drijvende krachten die ik wil vasthouden. 

In de beginfase was ik ook wel boos, vooral toen ik allemaal onvoldoendes haalde op school, daar word je wel emotioneel van. Dan dacht ik: waarom is het voor iedereen zo makkelijk en moet ik zoveel moeite doen? Ik gaf anderen de schuld en wilde weer normaal zijn. Maar omdat het dus zo moeilijk was ging ik toch ook bedenken: hoe ga ik het dan doen? En dat doe ik nog steeds: alsiets niet lukt, ga ik kijken hoe het wel gaat lukken. En daardoor ben ik altijd van de oplossingen zoeken, sinds dat moment.  

Als het wat moeilijker gaat op school zal ik het niet op mijn NAH afschuiven, dan had ik, bijvoorbeeld, maar beter moeten plannen. Maar gelukkig kan ik heel goed plannen, want ik ben nog niet in die situatie gekomen.  

Die revalidatiearts nam mij serieus en paste dingen op mij aan   

Ik vind ik het nog steeds erg hoe ik in het eerste ziekenhuis ben behandeld, want het voelt alsof ze er niet verantwoordelijk mee zijn omgegaan. Ik had een dubbele schedelbasisfractuur, het heel anders kunnen aflopen. 

Maar aan de andere kant, als ik naar het laatste ziekenhuis kijk: daar ben ik wel heel goed geholpen en werd er echt aandacht aan mij besteed in plaats van dat het zo snel mogelijk weg moest gaan. Ik heb een goed gevoel bij dit ziekenhuis en daar kunnen andere ziekenhuizen echt wat van leren. Ze wilden echt wat het beste was voor mij.  

Als tip voor artsen zou ik zeggen: hou het laagdrempelig en persoonlijk, maak je eigen unieke versie van het proces. Want in de revalidatieperiode had je een module en die heette Niet rennen maar plannen, daar was een heel boek voor. Aan het begin toen een arts dat met mij doornam raakte ik heel snel afgeleid, maar later, bij een kinderergotherapeut was dat heel anders, die had het allemaal voorbereid en ging mij allemaal vragen stellen om te reflecteren en soms had hij daar plaatjes bij. Dat was niet zo moeilijk en schools en dat was erg fijn.

“Je krijgt hulp, maar niemand komt je redden. Dat moet je zelf doen. Ik heb zelf m’n verhaal al meegemaakt, dus ik vind het altijd belangrijk dat je ook anderen daarmee, verder kan helpen, dus daar sta ik sowieso altijd voor open.

Over Jayden

Jayden (niet zijn echte naam) is 12 jaar als hij een ongeluk krijgt, tijdens het skaten. Hij is op zijn hoofd gevallen en heeft een schedelbasisfractuur, die vanzelf en met rust wel weer over moet gaan. Hij heeft er de eerste twee jaar veel last van, maar lijkt niemand hem te begrijpen of de ernst van de situatie in te zien. Hij wil het op school zó graag goed doen, dat hij alleen maar harder achteruitgaat, totdat zijn mentor ingrijpt en hem naar huis stuurt. Dan verandert alles. 

Eindelijk komt hij bij artsen die hem vertellen dat hij NAH (niet aangeboren hersenletsel) heeft en hem leren hoe hij er beter mee om kan gaan en voelt hij zich veel beter begrepen. Hij doet inmiddels, vijf jaar na zijn ongeluk, een studie en heeft zijn eigen bedrijf. Daarin maakt hij een toepassing voor jongeren om van hun verslaving af te komen. Wat dat is, blijft nog geheim, maar hij is er hartstikke druk mee. Jayden voelt zich weer steeds meer die vrolijke jonge vent die hij was.

Alle gebruikte namen en plaatsen in dit verhaal zijn fictief. Het zijn dus niet de echte namen van de vertellers van het verhaal.

Misschien vindt je deze verhalen ook mooi

Jouw verhaal voor onderwijs: waar is dat voor?

Studenten (en ook wetenschappers) kunnen van de verhalen leren om nog beter voor kinderen en jongeren te zorgen. Daarvoor bewaren we de complete (lange) teksten nog 10 jaar lang op een veilige plek.

Studenten die nog voor dokter leren, kunnen van de verhalen leren hoe ze op een goede manier met hun jonge patiënten kunnen praten over ziekte en behandeling. Hoe vinden kinderen en jongeren het om ziek te zijn en wat kan een dokter daarvan leren?



UMCU Wilhemina Kinderziekenhuis - Kinderverhalenbank
Privacyverklaring

Als u patiënt bent in het UMC Utrecht, verwerken we uw gegevens. Dat betekent dat wij uw gegevens in ons systeem zetten en waar nodig gebruiken. Dit is verplicht. In deze privacyverklaring vindt u meer informatie hierover.

lees hier onze uitgebreide Privacyverklaring